zaterdag 6 januari – A Tribute to George Shearing & Mel Tormé, Bill Evans & Tony Bennett

Aanvang 20:30 uur Tindalvilla

Ronald Douglas zang

Rob van Bavel piano

Programma: Werken van George Shearing & Mel Tormé, Bill Evans & Tony Bennett

Zanger Ronald Douglas en pianist Rob van Bavel presenteren hun programma dat zij daarna op cd gaan opnemen onder de titel: A Tribute to George Shearing & Mel Tormé, Bill Evans & Tony Bennet.

Het Nieuwjaarsconcert met de violiste Charlotte Spruit en pianist Angus Webster stond al lang voor 13 januari op de planning toen ik een telefoontje kreeg van jazz-zanger Ronald Douglas met de vraag of hij met zijn duo-partner, de pianist Rob van Bavel een extra optreden in de Tindalvilla zou mogen doen op 6 januari. Deze twee excellente jazzmusici beluisteren is een groot plezier dat ik graag met u wil delen.

NB: Dit extra concert maakt geen deel uit van het abonnement.

Kaarten

Ronald Douglas behoort tot de absolute top in de Nederlandse Jazz scene. Zijn onnavolgbare timing en swing, maar ook zijn ballad-interpretaties zijn van een tijdloze schoonheid en van het allerhoogste niveau. Ronald won als eerste Europeaan een Worldwide Online Jazzvocal Competitie in 2006 in Amerika. Hij was de zanger van het Timeless Orchestra en heeft opgetreden met het Metropole Orkest, Skymasters, Ricciotti Ensemble, Marinierskapel der Koninklijke Marine etc. Hij werkte o.a met Rob Pronk, Jerry van Rooyen, John Clayton jr., Rita Reys en Mark Murphy. Omringd met muziek werd hij in Den Haag grootgebracht met een uitgebreide platencollectie van het Great American Songbook en jazz op de radio. Na een korte loopbaan als jeugdwerker volgde hij zijn hart en koos toch voor een zangstudie aan het conservatorium van Hilversum. Hij ging in de leer bij de jazzzangeres Deborah Brown en leerde de fijne kneepjes van het swingvak.

Rob van Bavel (1965) is pianist, docent, componist en arrangeur. Hij studeerde in 1987 met de hoogste onderscheiding af aan aan het Rotterdams Conservatorium en won verschillende prijzen, waaronder de tweede prijs op de eerste Thelonious Monk Jazzpiano Competition in Washington DC, solistenprijzen in Duitsland en België, de Wessel Ilcken Prijs en een Edison voor de cd Rob van Bavel Trio. Als sideman en banleider heeft hij meer dan hodnerd cd’s uitgebracht en toerde door heel Europa, Canada, USA, Japan, Vietnam, Indonesie, Zuid-Korea and Siberië. Hij trad veelvuldig op met grootheden als Woody Shaw, Randy Brecker, Johnny Griffin, Gary Willis en anderen. Hij is docent aan de conservatoria van Rotterdam en Amsterdam en gaf masterclasses in Zuid-Korea, Liechtenstein, Spanje en Nederland.

Het eerbetoon van Rondald Dougl;as en Rob van Bavel aan beroemde voorgangers betreft:
George Shearing (1919-2011) was blind maar ontwikkelde zich tot een briljant jazz pianist. Zijn interesse in klassieke muziek resulteerde in optredens met verschillende orkesten in de jaren vijftig en zestig, en zijn jazzsolo’s putten vaak inspiratie uit de muziek van Satie, Delius en Debussy. Zijn gehoor bleef tot ver in zijn latere jaren perfect en hij bleef optreden, zelfs nadat hij in 1993 werd geëerd met een Ivor Novello Lifetime Achievement Award. Hij vergat zijn geboorteland Engeland nooit en zou in zijn laatste jaren zijn jaar verdelen tussen wonen in New York en Chipping Campden, Gloucestershire, waar hij een huis kocht met zijn tweede vrouw, de zangeres Ellie Geffert. Dit gaf hem de kans om door het Verenigd Koninkrijk te toeren en concerten te geven, vaak met Mel Tormé, ondersteund door de BBC Big Band. In 1996 werd hij onderscheiden als Officier of the Most Excellent Order of the British Empire voor hen die bijdragen aan de kunsten en wetenschappen. In 2007 werd hij geridderd. “Het arme, blinde kind uit Battersea werd Sir George Shearing. Dat is een sprookje dat uitkomt.” merkte hij later op,

Melvin Tormé (1925 –1999) was bekend is door zijn jazzzang. Hij was ook jazzcomponist en -arrangeur, drummer, acteur en auteur van vijf boeken.Tormé werd geboren in Illinois, in Chicago. Hij had Russisch-Joodse ouders, met als toenmalige achternaam Torma. Deze achternaam werd veranderd in Tormé. Hij zong voor het eerst op 4-jarige leeftijd You’re Driving Me Crazy met het Coon-Sanders Orkest. Tussen 1933 en 1941 trad hij op bij diverse radioprogramma’s. Hij schreef zijn eerste nummer op 13-jarige leeftijd, waarna zijn eerste nummer “Lament to Love” drie jaar later werd uitgebracht. Als tiener zong, arrangeerde en drumde hij. Hij drumde in een band onder leiding van Chico Marx van de Marx Brothers.

Bill Evans (1929-1980) speelde op jonge leeftijd piano, dwarsfluit en viool. In 1950 studeerde hij af aan het Southeastern Louisiana College in Hammond (Louisiana) als klassiek pianist. Verder volgde hij ook nog compositie aan het Mannes College of Music in New York. In 1956 werd hij door Miles Davis gevraagd om zich bij diens sextet te vervoegen. De groep bestond uit Miles, John Coltrane, Cannonball Adderley, Bill, Paul Chambers en Jimmy Cobb. Evans bleef maar één jaar bij de groep en was al opgestapt om een eigen trio te beginnen, toen Miles hem in maart 1959 vroeg voor de plaat Kind of Blue, die beroemd werd. Voor een groot deel bepaalde Bill Evans de kleur en het concept van deze plaat, getuige het door hem (en niet door Miles Davis) gecomponeerde Blue in Green. Blue in Green was al eens eerder opgenomen met als titel Some Other Time, dat later verscheen op de cd-versie van Everybody Digs Bill Evans. In 1959 vormde Bill Evans zijn bekendste trio met op bas Scott LaFaro en op drums Paul Motian. Het trio had een heel eigen geluid en kenmerkend was de interactie tussen de drie muzikanten.

Tony Bennett (1926 – 2023), wiens artistieke carrière ruim zeventig jaar duurde. Met twintig Grammy Awards en een Lifetime Achievement Award in 2001wordt hij beschouwd als de laatste grote crooner uit het gouden tijdperk van onder andere Frank Sinatra en Dean Martin. Tot 1942 studeerde hij aan de High School of Industrial Art (met hoofdvakken muziek en schilderen) en daarna verdiende hij – om zijn familie te ondersteunen – de kost als “zingende ober” in Italiaanse restaurants in Queens. In 1950 nam hij een demo op en werd gecontracteerd voor Columbia Records. Bennett begon zijn carrière als crooner met populaire muziek met als eerste grote hit Because of You (1951waarvan meer dan een miljoen exemplaren werden verkocht. Zijn opname van Blue Velvet was zo populair hij zeven concerten moest geven in het Paramount Theater in New York. Belangrijke standards en veel gecoverde hits werden door Bennett geïntroduceerd zoals: The Good life, The Best Is Yet to Come, de filmsong The Shadow of Your Smile (won zowel een Grammy “Song of the Year” als een Academy Award) en I Left My Heart in San Francisco. Na gouden successen in de jaren vijftig en zestig verging het Bennett commercieel minder goed in de twee decennia erna. Hij werd geconfronteerd met contractuele, financiële en persoonlijke problemen. In deze minder succesvolle periode wordt wel de samenwerking met de legendarische jazzpianist Bill Evans als een artistiek hoogtepunt beschouwd: The Tony Bennett Bill Evans Album (1975) en Together Again (1977). Alleen begeleid door Evans’ pianospel, kwam Bennett tot de puurste vorm van zijn zangkunst en interpretaties en begon zijn come back. Hij trad nog op zijn 95e verjaardag op met Lady Gaga nadat zijn familie had laten weten dat hij aan Alzheimer leed.